Mondelinge vraag inzake de aanslepende benoemingsprocedure van de administrateur generaal van de Rijksdienst voor Pensioenen

12 juni 2012

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eersteminister en minister van Pensioenen over "de aanslepende benoemingsprocedure van de administrateur generaal van de Rijksdienst voor Pensioenen" (nr. 12391) 

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, u hebt een aantal zware beschuldigingen gekregen in de pers waar ik toch graag een aantal vragen over wilde stellen.

Kan u bevestigen dat u, na het gesprek dat u had met de twee kandidaten, de heer Hardy en de heer Delporte, de heer Hardy hebt voorgedragen voor de functie van administrateur generaal van de RVP? Kunt u toelichten op basis van welke objectieve criteria kandidaat Hardy de voorkeur geniet?

Een tweede vraag, kunt u bevestigen dat de voorzitter van het beheerscomité van de RVP een voorbehoud heeft gemaakt, geprotesteerd heeft, tegen het feit dat u beide kandidaten hoorde en een verslag liet opmaken van het onderhoud dat u met hen had?

Een derde vraag, kunt u bevestigen dat kandidaat Delporte een voorbehoud heeft gemaakt ten aanzien van, en geprotesteerd heeft tegen, sommige passages uit het verslag dat het onderhoud met u weergeeft?

Een vierde vraag, wenst u ten aanzien van dit Parlement en van de burgers van dit land staande te houden dat deze benoemingsprocedure geen politieke benoeming beoogt?

En ten slotte, een vraag die moeilijk is om nu te beantwoorden, maar dan wil ik die gerust ook schriftelijk indienen. Kunt u voor de RVP een overzicht geven van de managementfuncties op het niveau van directeur generaal en per functie meedelen of de betrokken manager tijdens zijn/haar loopbaan op een politiek kabinet werkte met specificatie van politieke strekking?

Minister Vincent Van Quickenborne: De vijfde vraag die mag u schriftelijk indienen.

Ik kan u bevestigen, zoals ik heb aangegeven in antwoord op een vorige parlementaire vraag, dat ik een geactualiseerd, aanvullend onderhoud heb gehad met de kandidaten die door Selor op objectieve wijze als geschikt werden aangeduid.

Zoals de reglementering dat voorziet heb ik er het beheercomité van de RVP ook formeel bij betrokken. Ik kan u verzekeren dat ik te werk ga met de grootst mogelijke voorzichtigheid en dat ik dat doe met respect voor de bestaande wetgeving.

Ik heb inderdaad vorige vrijdag aan de collega’s, de Ministerraad, een voorstel gedaan dat voor de eerste keer is besproken geweest. Die bespreking zal morgen worden verdergezet, maar om elke procedurefout te vermijden kan ik verder niet ingaan op de vragen die u mij heeft gesteld.