Mondelinge vraag inzake de behandeling van klachten over het misbruik van pensioenen door de federale pensioendiensten

20 maart 2012

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eersteminister en minister van Pensioenen over "de behandeling van klachten over het misbruik van pensioenen door de federale pensioendiensten" (nr. 9753)

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, in ons socialezekerheids- en arbeidsrecht hebben klachten een wettelijke basis en genieten de indieners ervan een bijzondere bescherming. De wijze van behandeling van een klacht is veeleer afhankelijk van de instructies van de dienst waar ze terechtkomen. 

Kunt u voor elk van de federale pensioendiensten meedelen of er interne instructienota’s bestaan over de behandeling van klachten omtrent mogelijke fraude met pensioenen en het garanderen van de geheimhoudingsplicht ten aanzien van de aanbrenger van de klacht? 

Wordt er effectief een onderzoek opgestart naar aanleiding van klachten over mogelijk misbruik van pensioenen, incluis op basis van zogenaamde anonieme klachten en aangiften? 

Minister Vincent Van Quickenborne: De Rijksdienst voor Pensioenen heeft een actieplan voor de fraudebestrijding. Daarin wordt de nadruk gelegd op het voorkomen van onterechte betalingen. Gelet op de leeftijd van het cliënteel en de aard van de uitkering is het pure aspect ‘fraude’ minder prominent aanwezig dan bij andere instellingen. De RVP legt zich vooral toe op het matchen van gegevens die zich via de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid in verschillende databanken bevinden. Ook wordt meer en meer met buitenlandse zusterinstellingen overgegaan tot gegevensuitwisseling. 

Als er klachten van burgers binnenkomen, hebben die meestal betrekking op vermeend zwartwerk. Het standpunt van de RVP is altijd al geweest dat aan anonieme klachten en vage klachten geen gevolg wordt gegeven. Aan ondertekende en precieze klachten wordt wel gevolg gegeven. Ofwel doen de diensten van de RVP zelf een onderzoek ofwel wordt het geval aan de Sociale Inspectie overgezonden. 

De RVP neemt ook deel aan de werkgroep EPV (Elektronisch Proces-Verbaal) teneinde deze uitwisseling meer accuraat te laten verlopen. 

De pensioenwetgeving voor de overheidssector bepaalt niet hoe klachten over mogelijke pensioenfraude moeten worden behandeld. Binnen de dienst zijn er geen specifieke instructies over dit onderwerp. Zulke klachten zijn heel zeldzaam. In geval van een klacht vraagt de PDOS bij de administratie der Directe Belastingen de gegevens van de beroeps- of vervangingsinkomsten van de pensioengerechtigde op. Indien daaruit blijkt dat er fraude werd gepleegd dan neemt de PDOS de gepaste maatregelen. Het gaat om het schorsen of het verminderen van het pensioen en een eventuele terugvordering van het pensioen dat ten onrechte is uitbetaald.

Karolien Grosemans (N-VA): Ik noteer dat er geen interne instructienota’s voor dergelijke klachten bestaan.