Mondelinge vraag inzake de herdenking van de Slag om de Ardennen

17 december 2012

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de minister van Landsverdediging over "de herdenking van de Slag om de Ardennen" (nr. 14734

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de voorzitter, deze vraag had ik eigenlijk beter vorige week gesteld maar toen mocht dat niet.

Mijnheer de minister, elk jaar wordt in het stadje Bastenaken de officiële herdenking georganiseerd van de Slag om de Ardennen die tijdens de Tweede Wereldoorlog plaatsvond. Dat gaat steeds gepaard met een aantal plechtigheden en activiteiten zoals het noten werpen vanaf het balkon van het stadshuis. Graag had ik meer informatie gekregen over de activiteiten van dit jaar op 15 en 16 december.

Mijnheer de minister, welke activiteiten waren er gepland? Welke activiteiten werden door, of in samenwerking met, Defensie georganiseerd?

Hoeveel militairen en materieel heeft Defensie daarvoor ter beschikking gesteld?

Kunt u ook een raming geven van de totale kostprijs voor Defensie?

Een andere vraag was of u aanwezig zou zijn, maar ik heb het in de pers nagekeken en ik meen niet dat u aanwezig was. Anders heeft het althans de pers niet gehaald.

Aan welke overige evenementen rond de herdenking van de Slag om de Ardennen neemt Defensie deel? Kunt u ook voor die evenementen de hoeveelheid ter beschikking gesteld personeel en materieel meedelen, evenals de kostprijs?

Minister Pieter De Crem: Defensie neemt met een detachement deel aan de plechtigheden en aan het defilé in het centrum van de stad Bastogne. Dat is immers een belangrijke stad in de krijgsgeschiedenis van ons land en in de wereldgeschiedenis. Daarnaast organiseerde het Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis samen met Defensie en de basis Bastogne diverse activiteiten in het militaire kwartier van Bastogne, namelijk bezoeken aan de kelder van McAuliffe en de diverse tentoonstellingen, demonstraties van gerestaureerde voertuigen, het bezoeken van het Restauration Center en militaire activiteiten.

40 militairen werden ingezet voor de plechtigheden. Daarnaast hebben 60 andere militairen ingestaan voor de verschillende taken binnen het militaire kwartier zoals het onthaal en de begeleiding van bezoekers, de veiligheid van het kwartier en nog een aantal andere praktische aangelegenheden.

De kosten voor Defensie worden geraamd op 7 700 euro. Het gaat vooral om de vergoedingen voor de weekendprestaties van het personeel. Het Koninklijk Museum van het Leger en de

Krijgsgeschiedenis zal een deel van de kosten dragen, ongeveer 750 euro, voor de vergoedingen van zijn personeel en voor de ontvangst.

Ik heb deze plechtigheden dit jaar niet bijgewoond.

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, dank u voor uw antwoord. Ik heb hier geen verdere vragen over.