Mondelinge vraag inzake de kliklijn verspilling

9 februari 2011

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eerste minister en minister van Begroting over "de kliklijn verspilling" (nr. 1675)

Karolien Grosemans (N-VA): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de minister, in april 2010 startte de federale regeringscommissaris voor de Interne Audit, Guido De Padt, met een kliklijn voor verspillingen door overheidsdiensten, met name de website www.verspilling.be, ook wel de kliksite genoemd.

De regeringscommissaris, toegevoegd aan de minister van Begroting, beloofde de meldingen door te spelen aan de bevoegde diensten.

Als er geen bevredigend antwoord kwam of als er structurele problemen waren, dan gingen de klachten naar het centrale Auditcomité van de federale overheid, ACFO.

Inmiddels is er geen regeringscommissaris voor de Interne Audit meer en is de websitewww.verspilling.be sinds 12 oktober 2010 niet meer actief.

Graag had ik u hierover een aantal vragen willen stellen, mijnheer de minister. Hoeveel klachten werden er bij het afsluiten van de website uiteindelijk geregistreerd? Hoeveel meldingen hebben betrekking op federale instellingen, regio's en gemeenten? Welke federale overheidsdiensten kregen de meeste klachten? Werden de meldingen daadwerkelijk behandeld? Hoeveel klachten werden er aan het centrale auditcomité bezorgd en wat is de aard van deze klachten? Komen er nog andere initiatieven waar de burger verspilling door de overheidsdiensten kan melden?

Minister Guy Vanhengel: Mevrouw de voorzitter, collega Grosemans, de verspillingslijn die opgestart werd op 17 april 2010 was inderdaad een initiatief van toenmalig regeringscommissaris Guido De Padt. Met dit elektronisch meldpunt wenste de regeringscommissaris om op basis van meldingen van burgers een beeld te krijgen van waar en op welke wijze overheidsmiddelen niet steeds efficiënt ingezet werden, om vervolgens de resultaten ervan aan de overheidsdienst in kwestie te bezorgen, zodat zij verbeteringsinitiatieven konden nemen. De regeringscommissaris heeft deze verspillingslijn met andere woorden in het kader van de hem toegemeten opdracht opgestart. Het komt dan ook de verschillende departementen zelf toe om uit te maken of zij eventuele andere of gelijkaardige initiatieven binnen de hun toegemeten bevoegdheidsdomeinen al dan niet opstarten ter aanvulling van wat de regeringscommissaris zelf in gang zette.

Zoals u aangaf, werd de verspillingslijn op 12 oktober 2010 stopgezet. Tussen 17 april 2010 en 12 oktober 2010, ongeveer 6 maanden, zijn er uiteindelijk 1 598 meldingen binnengekomen. Daarvan waren er 587 of 37 % anoniem, 127 meldingen of zowat 8 % waren afkomstig van personen die op dat ogenblik in overheidsdienst werkten. Twee derde was afkomstig van Nederlandstaligen, een derde van Franstaligen. Van de 1 598 meldingen hadden er 467 of iets minder dan 3 op 10 een zeer algemene en meer politieke inhoud. 513 klachten, dus iets meer dan 3 op 10, hadden betrekking op specifieke problemen in de federale overheid en de sociale zekerheid.

Het gaat ter zake vooral, met name voor 95 gevallen, over problemen die in de FOD Financiën werden aangekaart. De FOD Justitie is goed voor 39 gevallen, het RIZIV voor 32 gevallen, de RVA voor 29 gevallen, de FOD P&O voor 25 gevallen, het leger voor 25 gevallen en de federale politie voor 24 gevallen.

Er waren 567 meldingen gerelateerd aan de werking van de Gemeenschappen en de Gewesten; 346 meldingen waren gerelateerd aan de lokale besturen, met andere woorden provincies, gemeenten, steden, OCMW’s en intercommunales. De andere meldingen hadden betrekking op het supranationale niveau, bijvoorbeeld internationale instellingen, of op meerdere bevoegdheidsniveaus.

De specifieke en relevante informatie over de federale overheidsdiensten werd steeds aan de leidende ambtenaren van de betrokken overheidsdiensten en aan hun verantwoordelijke ministers bezorgd. Meldingen over gewest- en gemeenschapsbevoegdheden zijn in hun geheel aan de kabinetten van de ministers-presidenten van de Gewesten en de Gemeenschappen in kwestie doorgezonden.

Er zijn geen meldingen aan het ACFO doorgestuurd, aangezien, zoals ik zonet al even aangaf, in eerste instantie elk betrokken departement de mogelijkheid moet hebben de melding op haar pertinentie te onderzoeken en desgevallend de nodige verbeteracties te ondernemen.

De meldingen konden ten slotte in een paar categorieën worden ondergebracht. Een aantal meldingen ging over een betere organisatie van overheidsdiensten, overlappingen van bevoegdheden of een minder goede kwaliteit van de dienstverlening. Sommige meldingen gingen over het snoeien in de kosten van de politiek. Als de bevolking wordt bevraagd, komt zoiets nogal evident naar voren. Nog een reeks meldingen had betrekking op het realiseren van interne efficiëntiewinsten in de overheidsdiensten en in de uitkeringsinstellingen van de sociale zekerheid. Ten slotte is er een derde categorie, die ik zou willen benoemen als mogelijke besparingen op andere overheidsniveaus, bijvoorbeeld in de Gemeenschappen, Gewesten, provincies en gemeenten.

Dit initiatief heeft dus een relatief succes gekend en ongeveer 1 500 meldingen gekregen, die aan de bevoegde diensten werden doorgespeeld, in de hoop dat zij daarmee eventueel verbeteringen zouden kunnen aanbrengen met betrekking tot de meldingen die binnenkwamen.

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. De heer Guido De Padt vond zijn verspillingslijn een heel groot succes. Dat zei hij in de media. Er kwamen heel veel klachten. Het is natuurlijk pas een groot succes als die klachten ook behandeld worden. U gaf zelf al aan dat de betrokken diensten die klachten zelf moeten onderzoeken en zelf een antwoord moeten formuleren, maar ik heb niet de indruk dat daar heel veel mee gebeurt. Ik heb gelezen dat er een feedbackmail werd verstuurd met het antwoord dat men de klacht ontvangen had, maar ik heb geen weet van rapporten die werden opgesteld met de uitleg waarom er eventueel zaken misgelopen zijn.

Het Auditcomité van de federale overheid zou een jaarverslag opstellen. Ik begrijp dat dit heel moeilijk is, want uiteindelijk heeft de lijn maar een zestal maanden gewerkt, maar het zou ook acute problemen en wantoestanden openbaar maken. Guido De Padt sprak van naming and shaming. Dat zou heel goed werken.

Mij lijkt het dat de kliklijn voor verspillingen door overheidsdiensten helaas zelf een prachtig voorbeeld van verspilling is gebleken, hoe goed die ook bedoeld was.