Mondelinge vraag inzake de onderschepping van twee Russische bommenwerpers

17 januari 2018

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de minister van Defensie, belast met Ambtenarenzaken, over "de onderschepping van twee Russische bommenwerpers" (nr. 23020)

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, er is hierover al veel in de pers verschenen. We hebben op de VRT zelfs al beelden kunnen zien, maar misschien zijn er nog nieuwe elementen.

Wat voor soort toestellen hebben onze vliegtuigen geïntercepteerd? In welke mate kunnen die een bedreiging zijn? Gebeuren dergelijke incidenten vaak? Gebeuren die meer dan vroeger? Hoe worden de Russische vliegtuigen opgemerkt en wie alarmeert onze F-16's om die ernaar te geleiden? Waren de Russische vliegtuigen in overtreding en hadden ze bewapening bij? Hoe evalueert u de samenwerking België-Nederland naar aanleiding van dit concrete voorbeeld?

 

Minister Steven Vandeput (N-VA): Mevrouw Grosemans, Belgische F-16's hebben eergisteren om 11 u 50 inderdaad twee Tupolev 160 Blackjackvliegtuigen geïntercepteerd ten noorden van de Nederlandse territoriale wateren. Die Russische toestellen zijn zware, supersonische, strategische bommenwerpers en vormen aldus geen fysieke bedreiging voor de F-16's.

In 2017 werden 22 luchtincidenten genoteerd, waaronder 11 Alpha scrambles. Dat zijn effectief uitgevoerde identificatievluchten. Er is een gevoelige stijging van dergelijke vluchten in het NAVO-luchtruim of net buiten het NAVO-luchtruim om Russische militaire vliegtuigen te identificeren. De Russische vliegtuigen werden opgemerkt door het CAOC, het Combined Air Operations Centre. Dat is een gecombineerde luchtverkeersleiding van de verschillende NAVO-landen.

Het CAOC heeft in dit geval een tactisch commando over de F-16's. Dat is de procedure. Het alarmeert de Belgische militaire verkeersleiding indien er zich incidenten voordoen in de buurt van het Belgische of Nederlandse luchtruim. Die alarmeert op haar beurt de Belgische gevechtspiloten, aangezien België aan de beurt is in de Benelux-renegaderol.

De Russische bommenwerpers hadden geen vliegplan en vlogen in zones waar alle vliegtuigen identificeerbaar moeten zijn. Vliegtuigen die zonder vliegplan opereren in een gecontroleerd luchtruim zijn een inbreuk op de internationale regelgeving. Er werd geen externe bewapening geïdentificeerd door de Belgische piloten. De samenwerking tussen België en Nederland werkte in dit geval optimaal. De Belgische vliegtuigen konden immers op tijd, helemaal ten noorden van de Nederlandse territoriale wateren, de vliegtuigen intercepteren en identificeren, alvorens die aan onze Britse collega's werden overgedragen.

 

Karolien Grosemans (N-VA): Dank u voor uw antwoord, mijnheer de minister.