Mondelinge vraag inzake de verlofregeling voor bloeddonoren bij Defensie

9 juli 2013

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eersteminister en minister van Landsverdediging over "de verlofregeling voor bloeddonoren bij Defensie" (nr. 18668)

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, op 12 juni berichtte Belgaover het dalende aantal bloeddonaties in ons land. In de eerste drie maanden van 2013 werden 10 % minder donaties gedaan dan in dezelfde periode vorig jaar. Dat zou onder meer te maken kunnen hebben met de aanpassing van de dienstvrijstelling bij federale en Vlaamse ambtenaren. Sinds december vorig jaar krijgen zij geen dag meer vrij wanneer zij bloed geven. Het verlof is nu beperkt tot de duur die nodig is voor het geven van bloed, bloedplasma of bloedplaatjes en voor een maximale verplaatsingstijd van twee uur.

Voor personeelsleden van Defensie die bij de Militaire Dienst voor Bloedtransfusie van het militair ziekenhuis in Neder-Over-Heembeek bloed geven, geldt deze beperking echter niet.

Mijnheer de minister, ik zou u over de verlofregeling bij Defensie graag het volgende willen vragen. Welke regelgeving geldt er voor personeelsleden van Defensie die in het militair ziekenhuis bloed, bloedplaatjes of bloedplasma gaan geven? Waarom wijkt deze regeling af van de gewone regeling voor ambtenaren? Hoe verantwoordt u dit verschil? Hoeveel bloedtransfusies gebeurden er in 2012 en 2013 via de Militaire Dienst voor Bloedtransfusie? Hoeveel verlofdagen voor het geven van bloed, bloedplaatjes of bloedplasma werden er sinds 2007 jaarlijks opgenomen door personeelsleden van Defensie?

Minister Pieter De Crem: Mijnheer de voorzitter, collega’s, het reglement met betrekking tot de arbeidstijdregeling voor het personeel van Defensie voorziet in een dienstvrijstelling voor het burgerpersoneel of een dienstontheffing voor het militaire personeel voor maximum zes donaties van bloed, bloedplaatjes of bloedplasma per jaar.

Indien deze afnamen plaatsvinden in de Militaire Dienst voor Bloedtransfusie, de MDBT, van het Militair Hospitaal, geldt de volgende regelgeving. Voor het geven van bloed krijgt het personeelslid één dag tot 24 uur de dag van de afname en één dag te nemen binnen de dertig dagen die volgen op de afname. Voor het geven van bloedplaatjes of bloedplasma wordt er één dag tot 24u de dag van de afname gegeven.

Het behoud van een eigen bloedbank is belangrijk omwille van de specifieke behoefte van Defensie. Er is een verschil in opdracht en behoefte tussen de MDBT en het Rode Kruis. De MDBT heeft een hoge specifieke behoefte en moet zijn voorraden in de bloedbank steeds op peil houden. De grootste afnemer voor de MDBT is het brandwondencentrum. De MDBT roept zijn donoren op, op basis van de behoeften. Misbruik van de gunstigere regeling is dus uitgesloten. Er is ook een verschil in verplaatsingstijd gezien de locatie van de centra. Het Rode kruis is bijna in elke gemeente aanwezig. Een verplaatsing naar het Militair Hospitaal houdt voor vele personeelsleden een veel langere verplaatsingstijd in.

Bij de MDBT vonden 3 075 bloedafnamen plaats in 2012 en 4 548 in 2013, tot op heden.

Er werden in 2007 12 472 dienstontheffingen en vrijstellingen voor bloedgift, zowel voor Het Rode Kruis als voor de MDBT, toegestaan aan personeelsleden van Defensie. In 2008 waren het er 12 440, in 2009 12 217, in 2010 12 534, in 2011 12 814 en in 2012 12 389.

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Er mag een compensatie zijn, want bloed geven is belangrijk en het redt levens. U verwijst terecht naar de aard van hun activiteit en de operaties. Er is inderdaad nood aan bloed, maar ik stel mij toch vragen bij zo’n voordelig statuut. Als men alles optelt, komt men aan 18 dagen vrijstelling van dienst. De andere federale en Vlaamse ambtenaren krijgen nog maar 2 à 3 uur per bloedgift. Ik hoop dat er daarop controle komt.

U zegt dat misbruik niet mogelijk is, maar ik heb u geen maatregelen horen opsommen om eventuele fraude te voorkomen.