Mondelinge vraag inzake het beheer van de munitie door Defensie

30 januari 2013

Mondelinge vraag mevrouw Karolien Grosemans aan de minister van Landsverdediging over "het beheer van de munitie door Defensie" (nr. 15272)

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, in het zogeheten blunderboek van het Rekenhof, dat dit jaar op 18 januari werd voorgesteld, hekelt de instelling het beheer van de munitie door Defensie. Volgens het Rekenhof is de gegevensbank over de munitie onvoldoende betrouwbaar en gebeuren de kwaliteitscontroles niet frequent genoeg. Dat laatste zou onder andere te maken hebben met de grote hoeveelheid niet-operationele munitie, die 70 % van de totale voorraad reglementaire munitie bedraagt.

Iets meer dan een derde van die niet-operationele munitie kan te koop worden aangeboden, maar de verkoop is blijkbaar marginaal. Alle overige ongebruikte munitie moet zo snel mogelijk worden vernietigd, maar daarvoor volstaan de bestaande vernietigingsinstallaties niet. Het Rekenhof is van oordeel dat Defensie, op basis van een specifieke planning, een stand van de declassering en de vernietiging zou moeten opmaken, om de middelen die zullen worden ingezet zo goed mogelijk aan te passen.

Mijnheer de minister, ik heb over die problematiek de volgende vragen.

Hoe zijn de fouten, de leemten en de anomalieën die in de gegevensbank  over  munitie  werden vastgesteld,  daar terechtgekomen? Volgens het Rekenhof zouden de fouten in de gegevensbank eind 2012 moeten zijn rechtgezet. Is dat gebeurd? Hoe lang heeft dat geduurd? Zijn de systeemaanpassingen die het voorraadbeheer moeten verbeteren nog steeds gepland voor maart 2013?

Kunt u een kort overzicht geven van alle concrete maatregelen die Defensie heeft genomen of zal nemen om de kwaliteitscontroles op te drijven?

Kunt u garanderen dat wij ons aan de NAVO-voorschriften inzake de frequentie van kwaliteitscontroles zullen kunnen houden, wanneer die verplichte standaarden worden? Wanneer zal die verplichting precies intreden?

Aan welke criteria moet de niet-operationele munitie voldoen om in aanmerking te komen voor verkoop? Gaat Defensie ook actief op zoek naar kopers? Zo ja, hoe gebeurt dat?

Bent u van plan het advies van het Rekenhof op te volgen en een stand van de declassering en de vernietiging te laten opmaken?

Minister Pieter De Crem: Mijnheer de voorzitter, collega’s, ik heb kennis genomen van het rapport van het Rekenhof via een schrijven dat op 9 november 2012 werd verstuurd.

Het logistieke beheerssysteem, de gegevensbank ILIAS (Integrated Logistic Information and Automation System) is gebruikt bij Defensie. Het vertoonde enkele beperkingen bij de implementering van de automatisering van het munitiebeheer.

Om het hoofd te bieden aan deze problematiek werd gewerkt met specifieke  parallelle  munitiebeheersystemen.  Met  de implementatieregeling van een ILIAS software update in maart 2013 zullen alle anomalieën uit de gegevensbank zijn verdwenen en zullen alle andere relevante munitietechnische beheersparameters, alsook een kwaliteitsbeleid, beschikbaar zijn.

De geïntegreerde logistieke steunpolitiek munitie, die onder andere afgeslankte en te ontmantelen munitie behelst, wordt in augustus van dit jaar gefinaliseerd. De reeds bestaande planning voor demilitarisatie van die operationele munitie zal daarvan deel uitmaken.

Alle nodige acties om de loten te transfereren naar de juiste categorieën zijn reeds gebeurd in augustus van vorig jaar.

De nieuwe NAVO-standaard die de frequentie en het type van de kwalitatieve controles beschrijft waaraan munitie moet worden onderworpen, ligt nog ter studie binnen de NAVO zelf. Defensie volgt wel al de filosofie van deze standaard.

In uitvoering hiervan werden concrete maatregelen genomen tot verbetering van de kwaliteitscontroles. Er is namelijk een jaarlijks door de  Defensiestaf  opgevolgd  inspectieprogramma  van  deze kwaliteitscontroles.

Verder werd de controlecapaciteit van de testcentra munitie verhoogd zodat onder andere de opsporing van instabiele munitie wordt versneld.

Bijkomend zorgt een doorgedreven demilitarisatie van niet-operationele stocks voor een vermindering van het patrimonium, wat ook de efficiëntie van deze kwaliteitscontroles verhoogt.

Het deduceren van het patrimonium aan niet-operationele munitie gebeurt eveneens via de militaire verkoopketen. Dergelijke munitie kan worden verkocht, hetzij rechtstreeks, hetzij via gespecialiseerde firma’s die hiervoor gecertificeerd zijn.

De verkoop van munitie maakt steeds het voorwerp uit van een verkoopdossier dat via de Inspectie en de inspecteur van Financiën wordt  voorgelegd  en  vereist  steeds  de  nodige eindgebruikerverklaringen en exportlicenties. Zonder dat kan de verkoop niet doorgaan.

Het maximaal promoten van de verkoop van onze overtollige wapensystemen en munitie is een permanente prioriteit binnen het activiteitenspectrum van de verkoopsdienst.

Tot op heden gebeurde deze promotie vooral en in essentie via de verspreiding van de zogenaamde verkoopscatalogus van staat tot staat en via de beperkte verkoop aan firma’s.

Ik onderschrijf de aanbevelingen van het Rekenhof. Defensie is overtuigd van het belang van een globale aanpak om de huidige munitieproblematiek op te lossen.

Het auditrapport van het Rekenhof is een belangrijk gegeven dat Defensie toelaat om het huidige beleid rond het munitiebeheer nog transparanter te maken en te optimaliseren. Het vormt tevens een aanmoediging in de uitvoering van al de bestaande actieplannen.

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, ik hoop inderdaad dat er een versnelde vernietiging van die onbetrouwbare munitie komt omdat de veiligheid van onze militairen in het gedrang kan komen. Wij moeten situaties zoals in 2010 vermijden, waarbij er problemen met de Milan-raketten waren en waarbij kruit is ontploft en een gewonde is gevallen.

Ik had nog een vraag waarop u niet hebt geantwoord. Defensie heeft zelf ontdekt dat er fouten en anomalieën in de gegevensbank over munitie zitten. Is Defensie toen onmiddellijk zelf in gang geschoten om die fouten daaruit te halen? Of zijn ze pas in gang geschoten nadat het rapport van het Rekenhof vorig jaar is verschenen?

Minister Pieter De Crem: Ons actieplan liep al een hele tijd. Wij hebben toen melding gekregen dat zich problemen voordeden met de verwerking van de gegevens, maar wij waren al actief voor het Rekenhof met dit verslag kwam.