Mondelinge vraag inzake het Europees Defensiefonds

05 juli 2017

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de minister van Defensie, belast met Ambtenarenzaken, over "het Europees Defensiefonds" (nr. 19227)

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, na de frequente Amerikaanse kritiek op het onevenwicht in de NAVO op het vlak van defensie-inspanningen, heeft de Europese Commissie nu ook een initiatief aangekondigd op het vlak van defensie. Er wordt overwogen om een Defensiefonds op te richten dat jaarlijks tot 5,5 miljard euro in Europese defensiebehoeften zou kunnen investeren. Defensie is geen bevoegdheid van de Commissie en de expertise op dat vlak ontbreekt.

Mijnheer de minister, wat is uw visie over dit initiatief van de Commissie? Wat is de houding van de regering?

Hoe zal de Commissie bepalen wat de defensiebehoeften zijn en waarin best wordt geïnvesteerd? Hoe wordt dit Defensiefonds gestijfd? Zal België moeten bijdragen? Hoeveel? Zullen alle EU-lidstaten deelnemen aan dat fonds? Weet men al wie wel of niet zal deelnemen? Hoe zal dit Defensiefonds bijdragen aan betere Europese defensiecapaciteiten? Is er een verdeelsleutel onder de lidstaten voor de subsidies die dit fonds zal toekennen?

Minister Steven Vandeput (N-VA): De EU-lidstaten zullen intergouvernementeel bepalen wat de defensiebehoeften zijn die door de Commissie kunnen worden ondersteund. De intentie is dat dit proces zal worden begeleid door het Europees Defensieagentschap (EDA).

De nadruk ligt op het aanpakken van de capacitaire lacunes in domeinen waarin de EU actueel niet of onvoldoende autonoom kan optreden.

Het Europees Defensiefonds bestaat uit twee delen. Het eerste deel ondersteunt het onderzoek in het defensiedomein. Deze ondersteunende projecten zullen volledig gefinancierd worden uit het budget van de Europese Unie. De Commissie voorziet voor al deze projecten samen in een jaarlijks bedrag van 500 miljoen euro vanaf 2021.

Het tweede deel ondersteunt de ontwikkelingsfase van capacitaire projecten, waarbij slechts een deel van de ontwikkelingskosten door het budget van de Europese Unie zal worden gedragen.

De Commissie stelt een jaarlijks bedrag van 1 miljard euro ter beschikking om al deze projecten vanaf 2021 te financieren. Het overblijvende deel van de ontwikkelingskosten en de volledige serieproductie van materieel zal door de lidstaten moeten worden gefinancierd die vrijwillig aan deze capacitaire projecten deelnemen.

Er is dus geen enkele bijdrage verplicht voor lidstaten die afzijdig willen blijven.

Omgekeerd is het de bedoeling dat een land alleen kan genieten van het fonds als het er ook zelf toe bijdraagt.

Deze bijdragen worden geraamd op 4 miljard euro per jaar. Er wordt dus een totaal jaarlijks budget van 5 miljard voor het geheel geambieerd.

Het identificatieproces van de projecten die door het fonds kunnen worden gesubsidieerd, is nog niet begonnen. Daarover kan ik dus nog geen conclusies formuleren. De projecten zullen worden gerealiseerd door industriële consortia die zullen worden geselecteerd via een openbaar en competitief proces op Europees niveau. Het aantrekkelijke voor de lidstaten bestaat er voornamelijk in dat zij, ondanks de aanzienlijke financiële bijdrage van de Commissie, toch voor honderd procent eigenaar zullen zijn van de verworven capaciteiten.

In de komende drie maanden zullen wij actief aan de onderhandelingen deelnemen. Die onderhandelingen zullen moeten uitmonden in de uiteindelijke definitie van de arrangementen en de criteria. Daarnaast weet u uiteraard dat wij blijven deelnemen aan bilaterale en multilaterale initiatieven, zoals wij dat ook al in het verleden hebben gedaan.

Karolien Grosemans (N-VA): Dank u voor uw antwoord, mijnheer de minister. Het klinkt vrij positief en redelijk optimistisch. Wij kunnen alleen maar hopen dat het Defensiefonds zal helpen om het verbrokkelde defensielandschap in Europa tegen te gaan. Wij kennen allemaal de verhalen van de zeventien verschillende pantservoertuigen en de twaalf verschillende oorlogsschepen, gebouwd…

Inderdaad, er zijn ook 27 versies van de NH90. Die zijn allemaal ontwikkeld en gebouwd in Europa, om hetzelfde werk te doen. Dat is een van de zwaktes van Europa op militair vlak. Wij kunnen alleen maar hopen dat het Defensiefonds geen subsidiemechanisme wordt dat de situatie in stand houdt of verergert. Een mechanisme als de landbouwsubsidies is niet wat er nodig is voor de Europese defensie. Dat is duidelijk.