Mondelinge vraag inzake het verslag van het Rekenhof over de financiële transfers in de tak arbeidsongevallen van de sociale zekerheid

9 februari 2011

Mondelinge raag van mevrouw Karolien Grosemans aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie, over "het verslag van het Rekenhof over de financiële transfers in de tak arbeidsongevallen van de sociale zekerheid" (nr. 2204)

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, in een brief door u geschreven op 10 maart 2010 als reactie op de audit die het Rekenhof heeft uitgevoerd naar de financiële transfers in de tak arbeidsongevallen van de sociale zekerheid, schrijft u: "Aangezien alleen het repartitiestelsel onder het Globaal Beheer valt en omdat de huidige door de Fonds voor Arbeidsongevallen toegepaste werkwijze voor de bepaling van de beschikbare middelen weinig transparant en erg complex is, deel ik de aanbeveling van het Rekenhof om een boekhoudkundig correcte opsplitsing te maken tussen het repartitiestelsel en het kapitalisatiestelsel.”

Daarnaast wijst het Rekenhof erop dat een verschil in berekeningswijze van de bedragen die het Fonds voor Arbeidsongevallen aan het Globaal Beheer dient te storten tot gevolg heeft dat in de loop van het jaar aanzienlijke overschotten worden opgebouwd boven het toegestane werkkapitaal. Deze overschotten worden niet doorgestort naar het Globaal Beheer, wat bijkomende financieringskosten voor de RSZ-Globaal Beheer tot gevolg kan hebben.

In de brief stelt u verder dat het Rekenhof er terecht op wijst dat ingeval van een overschrijding van het werkkapitaal de instellingen hun overtollige middelen moeten overdragen aan het Globaal beheer of onmiddellijk in mindering moeten brengen van de te financieren behoeften. In de Commissie voor Financiële Problemen werd de berekeningswijze van het Fonds voor Arbeidsongevallen eveneens niet gevolgd. U zegt daarom te laten onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om de interpretatieverschillen tussen de Commissie voor Financiële Problemen en het Fonds voor Arbeidsongevallen in de toekomst te voorkomen.

Mevrouw de minister, welke acties hebt u inmiddels ondernomen om de aanbevelingen van het Rekenhof te volgen?

Minister Laurette Onkelinx: Mijnheer de voorzitter, mevrouw Grosemans, in antwoord op uw vraag kan ik bevestigen dat wij, zoals vermeld in mijn brief van 10 maart, reeds een aantal maatregelen hebben genomen teneinde te beantwoorden aan de aanbevelingen van het Rekenhof.

Par exemple, le Fonds des accidents du travail a pris des dispositions en matière d'enregistrement comptable, les descriptions de processus et de procédure remis en cause dans le rapport ont débuté, un service de gestion des plaintes est mis en place à partir du 1er janvier 2011. Il y a toute une série de mesures qui ont effectivement déjà été prises et si vous voulez un rapport exhaustif, je pourrais vous le transmettre.

Mais on continue.

De vergaderingen hierover hebben natuurlijk plaats in samenwerking met mijn collega Joëlle Milquet, de minister van Werk, die de voogdij uitoefent over het Fonds voor Arbeidsongevallen en die gezamenlijk met mij de voogdij uitoefent over de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.

Het FAO heeft overigens aan haar beheerscomité een gedetailleerde analyse van het verslag van het Rekenhof voorgesteld. Daar werd beslist om de besprekingen voort te zetten binnen een werkgroep.

Voor de punten die betrekking hebben op mijn bevoegdheid en meer bepaald het beheer van de overdrachten aan het Globaal Beheer laat ik weten dat de RSZ en het FAO deze vraag samen onderzoeken. De uitvoering van bepaalde aanbevelingen van het Rekenhof moet namelijk voorafgegaan worden door een kosten-batenanalyse.

Vanzelfsprekend is het doel hiervan om geen blinde maatregelen te nemen die het Globaal Beheer bijkomend dreigen te belasten.

Mevrouw Grosemans, zonder dieper in te gaan op deze complexe technische vragen hoop ik u ervan te hebben kunnen overtuigen dat het verslag van het Rekenhof en de daarin vervatte pertinente opmerkingen en verbetertrajecten zeker geen dode letter gebleven zijn en dat de nodige acties om hierop te antwoorden wel degelijk werden genomen.

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, ik hoor verschillende voorstellen voor verbetering, een voorstel om de impact en de problemen van de transfers van de verzekeraars naar het FAO verder in kaart te brengen. U spreekt ook over controles, opvolging van activiteiten, organisatie in het kader van de inning enzovoort om die bijdragekapitalen van het FAO te optimaliseren. Ik vermoed dat wij voor echte concrete maatregelen moeten wachten op een nieuwe regering. Ik zal die problematiek dan opnieuw aankaarten.