Mondelinge vraag inzake Quick Response Alert

19 oktober 2011

Mondelinge vraag van mevrouw Karolien Grosemans aan de minister van Landsverdediging over "de Quick Response Alert" (nr. 6393) 

Karolien Grosemans (N-VA): Mijnheer de minister, het systeem Quick Response Alert (QRA) zorgt ervoor dat verdachte vliegtuigen in het Belgische luchtruim meteen onderschept kunnen worden. Door de gebeurtenissen van 9/11 is QRA opnieuw van levensbelang om de basissen en de vele instellingen die ons land rijk is, te beschermen. 

Op de basis van Kleine Brogel staan er permanent F-16’s klaar om verdachte vliegtuigen te onderscheppen. U hebt onlangs meegedeeld dat die F-16’s gemiddeld vier keer per jaar worden uitgestuurd. 

Kunt u een volledig overzicht per jaar geven van het aantal incidenten en interventies door onze luchtmacht sinds 2001?

Welke procedures worden precies gevolgd wanneer een verdacht vliegtuig het Belgische luchtruim binnendringt? Welke handelingen vinden er plaats voor men daadwerkelijk overgaat tot het neerhalen van een vliegtuig?

Met welke instanties werkt Defensie samen voor het onderscheppen van vliegtuigen? Hoe gebeurt op het ogenblik de coördinatie en de samenwerking tussen die instanties?

Ten slotte, hoe verloopt de samenwerking en de coördinatie inzake QRA met onze internationale partners, en in het bijzonder onze buurlanden? Welke evaluatie maakt u van de samenwerking? Op welke vlakken is er nog ruimte voor verbetering?

Minister Pieter De Crem: De gevraagde gegevens met betrekking tot het aantal luchtincidenten QRA, Quick Response Alert-activeringen, werden in een tabel gegoten. Ik zal de tabel aan de voorzitter van de Kamercommissie bezorgen.

De statistieken van het aantal QRA-activeringen werden sinds 2004 gedetailleerd bijgehouden. Naast de activeringen worden de QRA-toestellen ook ingezet ter bescherming van gevoelige topvergaderingen, de zogenaamde high visibility events. Die gegevens werden sinds 2001 bijgehouden en worden u bezorgd.

De luchtbewegingen binnen het Belgische luchtruim worden op voortdurende basis vanuit het Control and Reporting Centre in Glons opgevolgd. Als het CRC een verdacht vliegtuig detecteert, zal het de twee F16-toestellen die hiervoor altijd paraat staan, de opdracht geven om het toestel te onderscheppen. Alle informatie wordt dan via vooraf vastgelegde communicatiekanalen doorgegeven aan de bevoegde nationale en NAVO-autoriteiten, die over de noodzaak en de aard van eventueel dwingende acties zullen beslissen. Dwingende acties tegenover burgertoestellen zullen worden uitgevoerd onder leiding van de Belgische National Government Authority - dat is de minister van Defensie - in samenspraak met de eerste minister en de minister van Binnenlandse Zaken.

De acties kunnen de volgende zijn: het toestel terug op het vooropgstelde traject brengen; het toestel dwingen om ons land te verlaten of om op een van onze vliegvelden te landen; de uitvoering van waarschuwingssignalen om de medewerking van het betrokken toestel af te dwingen. Wanneer er geen twijfel over bestaat dat het toestel voor terroristische doeleinden wordt gebruikt of kan worden gebruikt, kan de National Government Authority beslissen om het toestel neer te halen. Bij elke onderschepping wordt ook de NAVO-commandoketen op de hoogte gehouden en worden de luchtverdedigingscentra van de naburige landen minutieus op de hoogte gehouden in het geval het incident de Belgische grens overschrijdt. Alle acties worden nauwlettend gecoördineerd met de burgerluchtvaartcontroleagentschappen om het veilige verloop van de interventie tussen het aanwezige vliegverkeer te garanderen. Wanneer er een vermoeden bestaat van eventuele terroristische intenties of in het geval van een gedwongen landing, zal het crisiscentrum van Binnenlandse Zaken eveneens worden betrokken. Bij een gedwongen landing wordt de luchtvaartpolitie en het controleagentschap van het vliegveld van bestemming op de hoogte gebracht. 

Indien een verdacht toestel de nationale grenzen overschrijdt, kunnen onze QRA-toestellen en die van de buurlanden mee de grens oversteken. Dat gebeurt dan onder het NAVO-commando en tevens, om de continuïteit te verzekeren, tot op het moment dat de nationale QRA-afdeling het incident kan overnemen. Onder NAVO-commando kunnen er echter geen dwingende acties tegenover burgertoestellen worden uitgevoerd.